Mensen vragen zichzelf vaak niet af of hun waarnemingen en ervaringen wel kloppen. Ze nemen hun zintuiglijke ervaringen, gevoelens en gedachten voetstoots als feiten aan. Maar door een piekervaring, een plotselinge ontdekking, een shockeffect, door een schokkende gebeurtenis kan ons wereldbeeld opeens op zijn kop komen te staan. Dit bewijst hoe subjectief onze waarneming is. Als onze kijk op de dingen verandert, verandert ook ons paradigma. Door deze verandering worden we zelf ook veranderd. ‘Ik zal nooit meer dezelfde zijn’. Paulus spreekt over de oude, onbekeerde mens, en de nieuwe, bekeerde mens. Een nieuw leven begint, het oude is voorgoed voorbij en heeft afgedaan.
Onwankelbare principes. Covey stelt: ‘Effectief gedrag is gebaseerd op principes die net zo fundamenteel zijn als de wet van de zwaartekracht’. Een principe is als een vuurtoren, een onwrikbaar gegeven, een natuurwet. We vinden deze principes terug in elke invloedrijke godsdienst of levensovertuiging. Ze spreken voor zichzelf. Iedereen herkent ze, of men er nu naar leeft of niet. Voorbeelden:
· redelijkheid, rechtvaardigheid
· integriteit, eerlijkheid
· menselijke waardigheid
· dienstbaarheid
· kwaliteit, uitnemendheid
· vermogen: geduld, koestering, steun
Principes zijn richtlijnen voor gedrag, die hun waarden op lange termijn hebben bewezen. Hoe meer onze paradigma’s en wereldkaarten in overeenstemming zijn met de natuurlijke en sociale wetten, hoe beter en effectiever wij functioneren
[2].
Paradigma. Wanneer iemand denkt dat zijn kijk op de dingen de enig mogelijke manier is om de wereld te bekijken, noemen we dat een werkelijkheidsdefinitie of paradigma. Een paradigma kan individueel zijn, of de gemeenschappelijke normen en waarden van een groep weerspiegelen. Het feit dat anderen onze zienswijze delen, zegt nog niets over het waarheidsgehalte van die zienswijze. Zo geloofde men vroeger dat de aarde plat was en onze planeet het middelpunt van het heelal, waar de zon omheen draaide. Inmiddels weten we beter.
Meestal zijn mensen zich niet bewust van een paradigma. Ze kennen maar een manier om de werkelijkheid te bekijken. Deze manier is de ‘normale’, de juiste, de vanzelfsprekende. Het paradigma schrijft voor ‘hoe dingen gedaan worden’. Ieder ‘weldenkend mens’ zal daar hetzelfde over denken. Zolang je je niet bewust bent van een paradigma, is het een geestelijke gevangenis. Het is de enige bril die je hebt. Je kunt alleen maar door deze bril naar de werkelijkheid kijken. Maar op het moment dat je je van een paradigma bewust wordt, ontdek je een deur die openstaat, waar je uit kunt stappen om tot nieuwe inzichten te komen, met het risico om in een nieuw paradigma verstrikt te raken, omdat je nu gelooft een nieuwe, ‘absolute’ waarheid te hebben ontdekt. Dit is het gevaar van mensen die een bekeringservaring doormaken, en zich dan weer teveel vastklampen aan die nieuwe ervaring.
Geen enkel paradigma is altijd en overal eeuwig geldig. Geen paradigma kan al je vermogens activeren. Je hebt creativiteit nodig om de beperkingen van paradigma’s te overwinnen. Bewustwording vergroot je creativiteit. Het herkennen van je eigen paradigma’s is van levensbelang, omdat je daarmee ook je eigen werkelijkheid schept. Want je waarneming wordt door je paradigma’s voorgestructureerd. Je hebt de neiging om waar te nemen wat het paradigma voorschrijft, maar daarbij ga je al selectief te werk. Bovendien handel je naar je eigen paradigma, met als risico dat je het tegendeel bereikt van wat je op het oog had. Paradigma’s van mensen kunnen botsen, en daardoor tot misverstanden, conflicten en ruzie leiden.
[3]Opsporen van paradigma’sGoed waarnemen is moeilijk. Je paradigma’s structureren je informatie al nog voordat je iets (nieuws) waarneemt, en bepalen dus wat je zult opmerken en wat niet. Je kunt jezelf niet aan je haren uit een moeras trekken. Vanuit het mechanisme van self-fulfilling prophecy is de wereld een spiegel, waarin je jezelf kunt waarnemen. Uit de resultaten van wat je doet, kun je je paradigma’s leren herkennen.
Emotie als herkenningssignaal van een mogelijk paradigma. De paradigma’s van mensen zijn vaak verbonden met hun identiteitsgevoel en hun gevoel van geestelijke gezondheid. Daarom kan het ter discussie stellen ervan met heftige emoties gepaard gaan. Je houvast in het (over)leven wordt dan bedreigd! Emotie voelt vaak als morele verontwaardiging. De ander vindt of doet niet ‘wat juist is’.
Morele verontwaardiging is een signaal dat er sprake kan zijn van een paradigma. Omdat de eigen manier van kijken in de eigen beleving de enige juiste manier is, moet er met iemand die het anders bekijkt, wel iets aan de hand zijn:
· de ander wordt gezien als dom of incompetent: ‘Onbegrijpelijk dat ze zo iemand op die plaats hebben kunnen neerzetten!’
· de ander is gek, niet goed bij zijn hoofd, gestoord, wat denkt hij wel (niet). In totalitaire regimes worden dissidenten soms in psychiatrische inrichtingen opgesloten. Zij denken niet de binnen het systeem ‘juiste’ gedachten.
· De ander is slecht, onbetrouwbaar, corrupt. Zijn opvattingen zijn moreel verwerpelijk. Galilei moest zijn overtuiging dat de aarde om de zon draaide herroepen, om niet op de brandstapel te eindigen.
Als je een of meer dan deze criteria of andere negatieve kwalificaties tegenkomt, in combinatie met emotie of verontwaardiging, is er vrijwel altijd sprake van een paradigmaverschil. Volgens je eigen paradigma ben je zelf altijd de goede partij, aan de ander is iets mis, en dat mag niet.
Een andere manier om paradigma’s op het spoor te komen, is constateren dat de werkelijkheid zich niet volgens verwachting gedraagt. Wetenschappelijke paradigma’s kunnen in een aantal stappen worden veranderd:
· je wordt je ervan bewust dat waarneming en paradigma niet met elkaar kloppen
· je identificeert de ‘fout’
· je relateert je bevindingen aan dingen die eerder ‘fout’ waren
· je past (andere) paradigma’s aan, zodat de ‘foute’ waarnemingen erin passen.
We zijn uiterst creatief in het bedenken van verklaringen, waarmee ons beeld van de werkelijkheid in stand kan blijven. De vraag: ‘wat is de meest eenvoudige verklaring voor waargenomen verschijnselen?’ kan je helpen om je paradigma’s bewust te worden en eventueel te veranderen.
[4]Omgaan met eigen en andermans paradigma’s. Zolang je je niet bewust bent van je eigen paradigma’s, zal je in botsing komen met mensen met andere paradigma’s. Als je dit inzicht eenmaal hebt verworven, ga je beter functioneren in de omgang met de mensen om je heen. Er staan nu verschillende wegen voor je open, die echter niet allemaal even effectief zijn.
1. Negeren leidt tot conflicten. Je neemt waar dat iemand een ander paradigma heeft, maar je verwerpt dit en hanteert je eigen paradigma dogmatisch. Impliciet ga je ervan uit dat de ander hetzelfde paradigma behoort te hebben als jij. Je handelt alsof dat ook zo is. Deze handelwijze is zeer ineffectief en leidt in het algemeen tot conflicten.
2. Bekeren heeft vaak geen zin. Je probeert iemand te overtuigen van je gelijk. Je draagt je visie uit of gaat een grondslagendiscussie aan. Deze benadering heeft soms succes, maar meestal niet. Als iemand zijn paradigma beleeft als behorend tot zijn identiteit, is bekeren een vruchteloze onderneming.
Negeren of bekeren leidt meestal niet tot inhoudelijke resultaten, maar wel tot een slechtere relatie. Wanneer we de betrokken relatie in stand willen houden, kunnen we niet uitgaan van ons eigen absolute gelijk. Samenleven met anderen vereist het besef dat de zekerheid van de ander even legitiem en geldig is als de eigen zekerheid. Voor die ander moet je dus een plaats in je bestaan inruimen.
3. Accepteer de verschillen - en ga er met een bocht omheen. Ook al ervaar je het niet als prettig, accepteer dat de ander een afwijkend paradigma aanhangt. Het verschil tussen jullie is in deze situatie een gegeven feit. Van daaruit zoek je oplossingen die zowel voor de ander als voor jezelf acceptabel zijn. Leer zo de afwijkende paradigma’s van de mensen om je heen te accepteren, zoals je een opgebroken weg accepteert: je mag je dan opwinden over het feit dat de weg opgebroken is, maar je rijdt niet in het gat en neemt een andere route.
4. Respecteer de verschillen - en zoek de middenweg (synergie). Wijs het paradigma van de ander niet meer af, door het niet langer als een opgebroken weg te zien, maar als een ander gerecht op dezelfde menukaart. Respecteer de zienswijze van de ander en ontmoet hem daarin. In deze benadering kan de ander gekend en erkend voelen. Zo roep je geen weerstand meer op en schep je een gunstig klimaat om tot overeenstemming te komen.
Betekent dit dat je geen visie mag hebben en dat je er niet naar mag streven, zienswijzen van anderen te veranderen? Natuurlijk niet. Andermans afwijkende paradigma’s accepteren en respecteren, betekent niet dat je die van jezelf overboord moet zetten, of dat je je eigen opvattingen en idealen op moet geven. Maar wanneer je aan paradigmaverheldering of -verandering wil werken, is dit een doelstelling in de toekomst, en geen actuele werkelijkheid.
Uitgangspunt voor de te kiezen strategie is de situatie zoals die nu is. Je kan een andere weg naar je doel kiezen of de weg repareren. In veel gevallen zal de eerste optie efficiënter zijn. Paradigma’s van anderen zijn moeilijk of niet te veranderen, en voor veel doelen die je wilt bereiken is dat ook niet nodig. Je zult zelf creatief moeten zijn in het vinden van een andere weg.
[5]Dingen bestaan alleen, door de herinnering,
door het opnieuw naar binnen brengen,
opnieuw van iets bewust worden.
Dit bewust-zijn is een brandpunt
Een punt van concentratie
waar de aandacht zich verzamelt.
De aandacht is op een bepaalde plek gefixeerd.
Alles wat tot het alledaagse leven behoort,
inclusief alle ideeën en symbolen,
is slechts een beschrijving van de wereld in symbolen
een begrip dat beperkt is tot wat de rede kan bevatten
De eigenlijke wereld stijgt daar ver bovenuit
is van veel grotere afmetingen, dimensies en diepte
Hoe vaak beseffen we dat we ronddraaien
op een bolvormige wereld
in een vaste baan rond een lichtgevende ster, de Zon,
een onmetelijke bron van energie en levenskracht
Hoe vaak beseffen we dat de Zon een speldenknop is
een van de talloze in de onmeetbare ruimte
dat kunnen we toch nauwelijks bevatten.
Onmetelijk grote ruimte, onmetelijk klein atoom
elk object is opgebouwd uit miljoenen moleculen en atomen -
in aantallen die elk begrip te boven gaan -
Dit zou ons bescheidener moeten maken,
wat minder zeker over de waarheid die we bevatten.
Ons lichaam is een mysterie, onze ziel, geest en levenskracht.
Alles wat ons omgeeft is een mysterie, alles wat leeft of niet.
We zouden ontvankelijker moeten zijn voor dit mysterie
deze oneindige opeenstapeling van mysteries
en relativeren wat ons kleine beperkte ego bezighoudt.
Hoe bevrijden we ons van deze beperkte visie?
Maken we ons los van dit kleingeestige denken?
Komen we weer oog in oog te staan met dit alomvattende mysterie?
Is er weer ruimte voor het onbekende en onkenbare?
Geven we onze kleinzielige beslommeringen op?
Om onze aandacht op andere, oneindige werelden te richten...